Effect van koolhydraatarm eten op DM-2

Paragraaf voortgang:

Waarom zou je als DM2-patiënt koolhydraatarm gaan eten? Welke voordelen zijn er?

Uit onderzoek blijkt dat koolhydraatarm eten zorgt voor een aantal positieve effecten op DM-2. Welke effecten dat zijn en waardoor ze ontstaan gaan we in deze paragraaf uitleggen.

  1. Minder eetlust

Als je minder koolhydraten eet, ga je meer eiwitten en vetten eten. Eiwitten en vetten geven langer een verzadigd gevoel. Daardoor heb je minder eetlust.

  • Verlaging HbA1c

Zoals je waarschijnlijk wel weet is HbA1C de maat voor het gemiddelde van de bloedglucosewaarden in de afgelopen weken

Koolhydraten hebben direct invloed op de bloedsuikerspiegel. Door koolhydraatarm te eten voorkom je hoge bloedsuikers. Er is dan minder insuline nodig. Hierdoor blijft de bloedsuiker stabiel en wordt de HbA1c verlaagd.

  • Gewichtsverlies

Veel mensen met diabetes type 2 zijn te zwaar. En hoe meer overgewicht, hoe hoger het risico op hart- en vaatziekten. Vooral bij vetophoping in en rondom de buik is dit risico hoger. Als je veel buikvet hebt kunnen bovendien de lichaamscellen minder gevoelig worden voor insuline. Buikvet hangt verder samen met een verhoogd cholesterolgehalte en een hoge bloeddruk.

Afvallen kan ervoor zorgen dat je cellen gevoeliger worden voor insuline. De bloedglucose blijft dan beter onder controle. Ook kan het zorgen voor een betere bloeddruk en cholesterolwaarde.

Koolhydraten beperken is één van de meest simpelste en effectiefste manieren om gewicht te verliezen. Onderzoeken wijzen uit dat mensen op een gezond koolhydraatarm voedingspatroon meer en sneller gewicht verliezen dan mensen met een caloriearm dieet. Het is ook zeer effectief bij het verminderen van vet in de buikholte. Natuurlijk is het aantal calorieën ook bij een koolhydraatarm voedingspatroon van belang. Als je lichaam minder energie verbruikt dan je binnen krijgt zul je niet afvallen.

  • Verhoging van HDL cholesterol, het ‘goede’ cholesterol

Je lichaam heeft cholesterol nodig. High Density Lipoprotein (HDL) cholesterol wordt het ‘goede cholesterol’ genoemd. Eigenlijk is het verkeerd om het ‘het goede cholesterol’ te noemen want cholesterol is allemaal hetzelfde.

HDL en LDL (Low Density Lipoprotein) zijn de stoffen die het cholesterol in het bloed vervoeren:

  • LDL vervoert het cholesterol van de lever naar de rest van het lichaam
  • HDL haalt het cholesterol uit het lichaam en vervoert het naar de lever. In de lever kan het worden hergebruikt of uitgescheiden.

Het is bekend dat hoe hoger het HDL hoe kleiner de kans is op hart- en vaatziekten.

Om HDL te verhogen moet je gezonde vetten eten. Bij een gezond koolhydraatarm voedingspatroon wordt er meer vet gegeten. Het is daarom niet verassend dat het HDL cholesterol stijgt bij dit voedingspatroon.